Carp*

Splinter: Agressieregulatie

Agressieregulatie

Splinter is een jonge werknemer met potentie, die door zijn leidinggevende Tom plots naar voren is geschoven als leidinggevende van een Salesteam. De onzekere Splinter ziet dit helemaal niet zitten, maar laat zich onder de voet lopen door Tom: van de ene op de andere dag geeft hij leiding. Maar hoe doe je dat eigenlijk? Een team managen? Cabaretier, Trainingsacteur en Columnist Johan Stevens (1975) schrijft exclusief voor Carp* 's lands eerste arbeidsmarktfeuilleton.

Het is een complot. Het moet een complot zijn. Ze hadden het niet gezegd bij de cursus ‘Slecht Nieuws Gesprekken Voeren’. Dat er verdomme debiliserende medewerkers zijn die met stoelen gaan smijten. Medewerkers die zo’n mislukt kut leven hebben dat ze dwars door het lint gaan. Een brullende leeuw met stropdas.

Direct na ’t tumult knalde de deur open: twee collega’s doken op François. Tem de leeuw, tem de leeuw! Het geschreeuw van François ging door merg en been, huilen, roepen, gillen, alles tegelijkertijd. ‘Jullie zijn het enige dat ik heb! Nu stopt alles!’ Splinter was onder de tafel gedoken en had daar met de staart tussen de benen geroepen: niets aan de hand, niets aan de hand. En toen hij even later met grote bange ogen en een lijkbleek gezicht onder de tafel vandaan kwam riep hij het nog steeds: niets aan de hand, niets aan de hand. 

Enerverend gegeven eigenlijk: wij, de mensen, de mensen met onze tuintjes, met onze barbecue en Gamma- kortingspas zijn allemaal tijdbommetjes. De één een kort lontje, de ander een lang lontje, maar eens zullen we ontploffen, dan gaat het mis. Hoe goed is het in dat opzicht dat we het WK-voetbal hebben en de Toppers. Twee handige tools voor agressieregulering. Zit een bezoek aan de Toppers eigenlijk in het basispakket? Zou zeker terecht zijn: het is een lontjesverlenger pur sang. Wetenschappelijk is er vast nog niets over bekend, maar, dacht Splinter: één bezoek aan de Toppers zou zeker 3 gevallen van zakelijk geweld per jaar schelen. Net als heroïne en Johnny Walker: het sedeert als een dolle.

Een uur na het incident zat Splinter op de stoeprand voor kantoor. In z’n trillende hand een sigaret. Hij stopte zo vaak met roken dat hij soms niet meer wist of hij nu weer begonnen was, of dat hij eigenlijk helemaal niet gestopt was. Vond hij zelf het meest ontroerende aan Natas, z’n mooie vriendinnetje: de eerste vier dagen dat ze door had dat Splinter weer begonnen was beklaagde ze zich er continu over, maar op dag vijf zei ze met gezonde tegenzin: ach, doe mij dan ook maar een sigaretje. Stonden ze saampjes op het kleine balkonnetje te roken. Liefde is...

Had Splinter in het gesprek zojuist iets anders moeten doen? ‘Direct de klap uit delen, dan de reactie afwachten, daar de tijd voor nemen en laten weten dat je er bent en géén oplossingen aanbieden! Ook niet zeggen dat je het zelf ook heel rot vindt, althans niet als die ander onthutst voor je zit.’

Al die vermaledijde tips: prachtig, niets meer aan doen maar, maar, maar, doe het maar eens op het moment zelf. Als je onder druk staat, als je die medewerkers voor je ziet: dan moet je het zeggen! Dan moet je die splijtende pass afgeven of die bal feilloos inkoppen. Dan moet je zeggen dat de aarde niet meer rond is, en de vogels niet meer vliegen. Zeker voor François is dat realiteit: alles stopt. 54 jaar, witte sokken en een te hoog opgetrokken broek. Had Splinter dat toch moeten zeggen?

Johan Stevens (1975) is cabaretier, columnist en trainingsacteur. Hij schrijft elke week voor Carp.nl een vervolgverhaal over Splinter. Voor informatie en boekingen: www.johanstevens.nl
 @johanstevens

25 Mei om 11:20 uur