Carp*

Column: "Hoezo: Had je maar een vak moeten leren!"

"Hoezo: Had je maar een vak moeten leren!"

Stel; je hebt je studie afgerond en je bent met veel enthousiasme en plezier aan je eerste baan begonnen. Je hebt bewust gekozen voor een vak. Dagelijks verdiep je je in inhoudelijke en uitdagende vraagstukken. Tussen je collega’s val je op vanwege je specialisme. Je collega’s roemen je expertise en je werklust. En op een dag heb je je beoordelingsgesprek: of je manager wilt worden!?

De theorie van de ‘Dual Ladder’- die niet allen de manager maar ook specialist een carrièreperspectief biedt - is een theorie gebleven (met uitzondering misschien van ‘investment bankers’). Wil je in Nederland carrière maken, dan is het aanzien en de beloning van de manager nog altijd vele malen groter dan van een kenniswerker. Is het dan vreemd dat de gemiddelde werknemer meer interesse heeft zich te ontwikkelen als manager in plaats van als specialist?

Het is essentieel dat een manager kennis van het product en de markt heeft. Dat betekent echter niet dat de beste professionals vanzelfsprekend goede managers zijn en ook willen zijn. Waarom voelt de inhoudsgedreven specialist zich dan nog steeds gedwongen om een managementfunctie te ambiëren. Lukt het Europa daarom niet om haar doel te halen waarbij zij in 2010 de meest kennisintensieve economie van de wereld zou moeten zijn?

Er was een enorme ‘wildgroei aan ondersteuning’ ontstaan. De kosten liepen op tot dat in de jaren ’80, de wal het schip keerde. Bezuinigingen moesten worden doorgevoerd waardoor de stafafdelingen en ondersteuners het als eerste moesten ontgelden. De bezuinigingen zijn echter door geslagen waardoor er een vorm van anorexia is ontstaan. Gevolg; het gehele bedrijfsleven is uitgekleed en werkt aan ‘functieverrijking’. Van specialisten wordt verwacht dat hij zich ook bezig houdt met managementtaken. De specialist is ineens veel tijd kwijt aan voorbereidende en administratieve werkzaamheden waardoor er minder tijd en inspiratie overbleef om zijn of haar kennis te gebruiken. Moet de wal nu opnieuw het schip keren?

Tot op heden duurt deze ‘functieverrijking’ voort maar we kunnen ons deze ‘luxe’ niet meer veroorloven. Het kan niet langer gaan om ‘verrijking’, oftewel verbreding, van de functie. Juist  nu is er vraag naar verdieping. Meer dan ooit  moet de aanwezige kennis van mensen optimaal worden benut , willen we onszelf positioneren als een kenniseconomie. Om die kennis te benutten, moet de specialist geen strobreed in de weg worden gelegd. De ware kenniswerker moet niet voortdurend de druk voelen om allerlei administratieve zaakjes te regelen of de manager uit te hangen. Wil Nederland een serieuze kennissamenleving zijn, dan moet taakdifferentiatie worden teruggedraaid. Stafmedewerkers, assistenten en secretaresses zijn nu weer hard nodig. Specialisatie is het adagium voor de Nederlandse kenniseconomie. We hebben top specialisten. Laten we deze omarmen, koesteren, en niet ontwikkelen tot manager. Dat daar ook een minimaal gelijkwaardige beloning bij hoort, is vanzelfsprekend.

Een terugkeer naar verticale functiescheiding is noodzakelijk om de schaarste aan kennis en talent te ondervangen. Op basis hiervan kan het meester-gezel principe zijn intrede weer doen. Hierbij leidt de specialist zijn assistent op voor de toekomst en wordt hij niet in de verleiding gebracht om van managen een dagtaak te maken. 

Cint Kortmann is oprichter en eigenaar van Talent&Pro

 

12 Januari om 10:51 uur