Carp*

Splinter: Splinter durft te dromen

Splinter durft te dromen

Splinter is een jonge werknemer met potentie, die door zijn leidinggevende Tom plots naar voren is geschoven als leidinggevende van een Salesteam. De onzekere Splinter ziet dit helemaal niet zitten, maar laat zich onder de voet lopen door Tom: van de ene op de andere dag geeft hij leiding. Maar hoe doe je dat eigenlijk? Een team managen? Cabaretier, Trainingsacteur en Columnist Johan Stevens (1975) schrijft exclusief voor Carp* 's lands eerste arbeidsmarktfeuilleton.

Het was in de nacht nadat hij met de nieuwe interimmer had gesproken. Hoe lang hadden ze gepraat? Uren. Het was avond geworden, er was niemand meer op kantoor. Er was een bevlogen uitwisseling ontstaan. Een onverwachte ontmoeting.

De interimmer had twee Hawaï pizza’s laten komen. Hij had een persoonlijk verhaal vertelt over z’n vrouw. Hoe ze elkaar 25 jaar geleden ontmoetten. Hoe ze door een diepe crisis waren gegaan. Dat hij (Joost heette de man, uiteindelijk had Splinter het maar gewoon gevraagd) met veel moeite tot het inzicht was gekomen dat hij er eigenhandig voor had gezorgd dat z’n vrouw was gegaan.  ‘Zoals ook net bij jou: als ik druk voel, dan ga ik praten, praten, praten. Zij werd gek van me. Voelde zich niet gehoord. Drama’s. ’t Is goed gekomen toen ik - godbetere het - ging luisteren. ’

Splinter vertelde op zijn beurt (ondertussen hadden ze ergens in de keuken nog drie blikjes Bavaria gevonden) over het voorbije jaren. De twijfels, de conflicten, de onzekerheid. Verongelijkt klaagde hij dat hij min of meer over gehaald was door Tom, waarop Joost hevig begon te protesteren: ‘Jij was er zelf bij, klojo!! Hoe heb jij je over laten halen, dáár gaat het om! Proost.’

Daarna spraken ze over wat Splinter wel wilde. De therapeut had hier natuurlijk ook al vaak over lopen zeiken en steeds was Splinter enorm gaan zweten van die vraag. Wat boezemde hem zo’n angst in? Was het z’n bullebak vader die had bedacht dat hij een carrière in het bedrijfsleven moest krijgen? Was het die ondragelijke druk? Hoeveel carrière bestaan er eigen bij de dwang van een vader?
De interimmer sprak bevlogen de o, zo, ware clichés: ‘jij moet je hart achter na gaan, jongen. Waar word je blij van? We gaan hier niet weg voordat jij hebt verteld…’ Splinter onderbrak behoorlijk geïrriteerd: ‘en dat gaan we dus niet doen! Al die types die maar de godganse dag roepen dat je je droom achterna moet gaan. Ik weet dat het belangrijk is: verschuil je niet, sta op en wandel, borst naar voren, kop in de wind! Maar wel op mijn tempo. Het is misschien vrij ongezond om niet je droom te leven, maar hysterisch ineens weggaan is net zo ongezond. Het komt allemaal voort uit hetzelfde vaatje: angst.’

Joost hield z’n inmiddels lege blikje Bavaria omhoog, proostte met Splinter. ‘Heel goed. En waar. Maar denk aan het ’t liedje van Klein Orkest: Later is allang begonnen.

Heel even zwegen de mannen en toen zei Splinter:
‘Een fantasie over een kroeg. Een mooi café waar alleen klassiek wordt gedraaid. Komt steeds terug. Rustig een krant kunnen lezen. En een Romance van Beethoven.’

Het waren die woorden en alle andere woorden en het lege kantoor en de Soedanese schoonmaker die zo vriendelijk had geknikt toen ze uiteindelijk het pand verlieten en Natas die toen hij thuis kwam meteen zag dat er iets was en Splinter in heur armen nam. Die nacht besloot hij: ik ga. 

Johan Stevens (1975) is cabaretier, columnist en trainingsacteur. Hij schrijft elke week voor Carp.nl een vervolgverhaal over Splinter. Voor informatie en boekingen: www.johanstevens.nl
 @johanstevens

22 Juni om 15:34 uur